Lili en Howick mogen toch in Nederland blijven. Dat meldt het ministerie van Justitie en Veiligheid. De kinderen mogen blijven vanwege "actuele omstandigheden" rond hun veiligheid.

Wij zijn opgelucht want ook GroenLinks Vlissingen heeft zich ernstige zorgen gemaakt om deze kwestie. Wij hebben onze verantwoordelijkheid genomen en getracht door het stellen van artikel 36 vragen als gemeente Vlissingen een signaal naar Staatssecretaris Harbers af te geven.

 

Vragenhalfuur

Onderwerpen die conform artikel 36 van het Reglement van Orde.

Adviesraad 6 september 2018

Fractie GroenLinks,  Beantwoording: wethouder Vader

Onderwerp: Zoals we allen in de media hebben kunnen vernemen is er veel landelijke publiciteit gegeven aan de

aanstaande uitzetting van Lily en Howick naar Armenië die op

8 september 2018 zal plaatsvinden. Deze kinderen zijn sinds 2008 in Nederland en zijn zogenaamde "gewortelde"

kinderen. Hun moeder Armina is vorig jaar zonder haar kinderen uitgezet naar Armenië. De kinderen verblijven sinds

die tijd zonder hun moeder in Nederland.

In de laatste uitspraak van de Raad van State heeft deze staatssecretaris Harbers gelijk gegeven en heeft de Raad

van State geoordeeld dat de kinderen uitgezet kunnen worden naar Armenië, ondanks de bevindingen van de Raad

voor de Kinderbescherming en de kinderombudsman dat de kinderen ernstig in hun ontwikkeling bedreigd worden als

zij uitgezet worden.

Vraag: Bent u het met mij eens dat het uitzetten van deze

kinderen veel te ver gaat?

Antwoord:

Het College heeft per brief van 9 juli al eerder namens uw

gemeenteraad bij de staatssecretaris gepleit voor de verruiming

van het kinderpardon. De zaak van Lily en Howick

is exemplarisch in dit kader. Wij delen uw opvatting dat uitzetting

van deze kinderen niet zou moeten doorgaan en

ingaat tegen de geest van het Internationale verdrag inzake

de rechten van het kind. Echter heeft het hoogste

rechtsprekende orgaan van ons land, de Raad van State

bepaald dat Lily en Howick niet in aanmerking komen voor

een verblijfsvergunning.

Vraag:

Ik begrijp dat veranderingen en wijzigingen in beleid

niet één, twee, drie kunnen worden doorgevoerd.

Toch wil ik van u vragen om als college vanuit medemenselijkheid

een verzoek in te dienen bij de staatssecretaris

om van zijn discretionaire bevoegdheid gebruik

te maken en Lily en Howick een verblijfsvergunning

te verlenen?

Antwoord:

Zoals gezegd hebben wij eerder bij de staatssecretaris gepleit

voor de verruiming van het Kinderpardon. De staatssecretaris

heeft ons recent geantwoord begrip te hebben

voor de oproep. Hij beroept zich echter op zijn verantwoordelijkheid

voor het in stand houden van het stelsel waarin

het centrale uitgangspunt is dat afwijzing van een verblijfsaanvraag

moet leiden tot terugkeer naar het land van herkomst.

Wij zullen de antwoordbrief van de staatssecretaris

aan uw raad doen toekomen.

Tegen deze achtergrond achten wij het niet opportuun om

als gemeente Vlissingen nogmaals deze staatssecretaris

een verzoek te doen op dit punt.

Daarnaast is er op dit moment een brede maatschappelijke

discussie rond deze zaak aan de gang zowel in de

media als in de landelijke politiek. Een tweede verzoek

van onze gemeente zal hierin weinig onderscheidend zijn.

Wij kunnen ons voorstellen dat raadsleden die zijn verbonden

met partijen in de 2e Kamer hun zienswijze over de

zaak Lily en Howick daar aankaarten.

Reactie Fractie GroenLinks: Vanuit het standpunt van de wethouder begrijp ik zijn reactie! Helaas, dat maakt deze situatie er niet minder schrijnend om. Hierin verschillen we dan ook van inzicht! Een brief naar de Staatssecretaris is naar ons inzicht een kleine moeite die weinig kosten met zich meebrengt en een stuk medemenselijkheid toont. Meerdere gemeentes in Nederland hebben een signaal van ongenoegen richting de Staatssecretaris geuit. Helaas is het resterende tijdspad erg kort. Volgens de planning zal de uitzetting van Lily en Howick over enkele dagen plaatsvinden. Zeer teleurstellend is de reactie van de staatsecretaris op uw brief en dat maakt deze situatie en de toekomst van kinderen er ook niet minder zorgelijk om. Het uitplaatsen van kinderen druist zoals al eerder aangegeven in tegen tegen de geest van het internationale verdrag inzake de rechten van het kind. Zolang er gewortelde kinderen uitgezet worden zullen wij als GroenLinks signalen van ongenoegen blijven uiten en ons hiertegen verzetten. Natuurlijk zullen we dit onderwerp ook met onze landelijke collega’s delen en het daar onder de aandacht houden. Dat neemt niet weg dat met de decentralisaties van de Jeugdzorg en de gemeentelijke verantwoording, uitplaatsing van kinderen en daarbijbehorende zorgen ook zomaar in Vlissingen kan plaatsvinden.

 

Jeroen Portier

Fractievoorzitter GroenLinks Vlissingen